€ 4.89

De organisatie als hulpmiddel, hoofdstuk 1 t/m 10

Een uitgebreide, leerzame, nuttige en leuke samenvatting om te lezen over het boek 'De organisatie als hulpmiddel' van Klaas Schermer.


Stel vragen over het document of bekijk de reacties (0)
Preview document (4 van de 46 pagina's)
Preview: De organisatie als hulpmiddel, hoofdstuk 1 t/m 10 Preview: De organisatie als hulpmiddel, hoofdstuk 1 t/m 10 Preview: De organisatie als hulpmiddel, hoofdstuk 1 t/m 10 Preview: De organisatie als hulpmiddel, hoofdstuk 1 t/m 10

Download alle 46 pagina's voor € 4,89

Koop dit documentDocument in winkelwagen

De organisatie als hulpmiddel
Hoofdstuk 1: Organisatie en soorten instellingen
Kenmerken van een organisatie
Definitiekwesties
Het Griekse organon, werktuig of hulpmiddel, is afgeleid van het woord organisatie.
Een organisatie is dus een hulpmiddel om iets te bereiken. Meestal is een
organisatie een gezamenlijke poging een doel te bereiken. Om fysieke kracht en
denkkracht te bundelen en taken te verdelen bereik je meer. Een organisatie is dus
een doelgericht samenwerkingsverband. Om doelen te bereiken hebben
medewerkers niet alleen elkaar, maar ook andere middelen nodig, zoals gebouwen
en kantoren, hulpmiddelen en geld. (Een organisatie is een min of meer duurzaam
samenwerkingsverband van mensen en middelen om een gemeenschappelijk doel te
bereiken.)
De duurzaamheid van een organisatie kan van enkele weken tot enkele jaren
varieren. Een organisatiedoel kan zijn: lustrumfeest, zorg voor zieken, een politieke
visie en winst. Het samenwerkingsverband bestaat uit de mensen die zich daarvoor
hebben aangemeld of zijn aangetrokken en de hulpmiddelen die zij daarvoor nodig
hebben. Het aantal samenwerkende mensen zullen met de middelen tot de
organisatiedoelen lijden.
Naast het woord organisatie worden ook woorden als instelling, instituut en inrichting
gebruikt. Het woord organisatie is de algemene, brede term, die voor alle mogelijke
doelgerichte samenwerkingsverbanden te gebruiken is. Het woord instelling is
opgericht met een specifiek doel. Een instituut is de verlatijnste vorm van het woord
instelling. Het woord inrichting verwijst ook naar het doel, het is zo ingericht of
georganiseerd dat het doel bereikt kan worden, zoals een inrichting voor
geestezieken. Met een organisatie kan ook een vereniging worden bedoeld. Maar
kan het ook aangeduid worden in de betekenis van: iets plannen of iets organiseren.
Indelingscriteria
De aantal organisaties kun je indelen op bepaalde doelen die zij nastreven, de
hulpmiddelen die ze gebruiken, hun geschiedenis, de structuur of manier van
werken, de invloed van medewerkers, de rechtsvorm en andere onderscheidende
kenmerken.
Soorten doelstelling
Sociaal-cultureel, maatschappeljk, economisch, politiek, staatsrechtelijk. Een
belangrijke tweedeling is ook wel commercieel of maatschappelijk. Als je
commercieel bent streef je naar winst voor de eigenaren, als je maatschappelijk bent
streef je naar iets goeds en iets nuttigs voor anderen.
De beschikbare hulpmiddelen
- Bron van financiering, commercieel of gesubsidieerd.
- Hoeveelheid beschikbare middelen of aantal medewerkers.

De leeftijd en geschiedenis van de organisatie

Vaak zijn oude organisaties groter dan jonge, al kunnen organisaties ook een hele
levenscyclus doormaken van ontstaan, via groei naar wasdom, naar krimp en
opheffing.
De organisatiestructuur
Kleine organisaties zijn meestal eenvoudig en overzichtelijk. Grote organisaties zijn
vaak zeer complex. Dat heeft gevolgen voor de manier van werken en de interne
communicatie.
De invloed van medewerkers
Hier spreek je van horizontaal of plat en verticaal of hierarchisch. In een horizontale
organisatie is iedereen gelijk. In een verticale organisatie heb je een tal van
directeuren, lagere chefs en uitvoerend personeel.
De rechtsvorm
Voor commerciele organisaties bestaan andere rechtsvormen dan voor ideele
organisaties. De rechtsvorm regelt de mate voor aansprakelijkheid van de eigenaren
en bestuurders. Voor ideele organisaties heb je een stichting en de vereniging. Een
rechtspersoon is een organisatie die kan optreden alsof het een natuurlijke persoon
is.
Profit: winst als doel
Profitorganisaties zijn ondernemingen die goederen of diensten verkopen aan
klanten met het doel er winst aan over te houden. Ondernemingen produceren
goederen en diensten. Goederen zijn tastbare producten die je ziet in winkels.
Diensten kun je namelijk niet in een werkplaats fabriceren. De relatie met de klant
staat centraal. Een dienstverlenende organisatie is een duurzaam
samenwerkingsverband van mensen en middelen dat als gemeenschappelijk doel
heeft diensten te verlenen aan klanten die daar behoefte aan hebben.
Rechtsvormen voor ondernemingen
Ondernemingen kunnen verschillende rechtsvormen hebben. Hierbij verschilt de
mate waarin deelnemers bijdragen in het kapitaal van de ondernemingen en
aansprakelijk zijn voor de kosten.
- De eenmanszaak, ondernemer is zelf aansprakelijk.
- De VOF, een aantal ondernemers samen met de onderneming en persoonlijk
aansprakelijk blijven voor financiele verplichtingen van de vof.
- De BV, deelnemers hebben een aandeel in de onderneming en niet persoonlijk
aansprakelijk zijn voor de financiele verplichtingen van de bv als rechtspersoon.
- De NV, hier leggen beleggers, via de aandelenmarkt, een aandeel in de
onderneming.
Een deel van de maatschappelijke dienstverlening en zorg is in handen van
particuliere profit-organisaties. De maatschappelijke kaders worden door de overheid
gegeven, op grond van de politieke voorkeuren van de kiezers. De landen van de EU
dienen de EU-richtlijnen om te zetten in nationale wetgeving.
Non-profit en not-for-profit: ideeel doel
In de non-profitsector ontbreekt het winstoogmerk van het particuliere bedrijfsleven.
Hier zijn stichtingen of verenigingen actief, die volgens de wet geen winst mogen
maken, maar een ideeel doel nastreven. Feitelijk bestaat de overheidssector uit een

non-profitorganisaties. In de non-profitsector is over het algemeen weinig of geen
concurrentie.
Het commerciele bedrijf als lichtend voorbeeld
De werkwijze van de commerciele bedrijven wordt vaak door de non-profitsector
weerspiegeld. Bedrijven zijn opgedeeld in divisies (afdelingen) met een eigen
taakstelling. Om deze taken te kunnen uitvoeren, moeten deze divisies hun eigen
kosten terugverdienen. De bedoeling is dus omzet maken. Efficient werken is daarbij
belangrijk, de divisieleiding zal hier ook nadrukkelijk op letten.
Ook welzijnsinstellingen worden steeds kostenbewuste en zijn subsidies niet meer
vanzelfsprekend. De moderne welzijnsinstelling heeft een ondernemend bestuur en
een actief sturende directie. De medewerkers daarin moeten creatief, productief en
kwaliteitsbewust zijn.
Not-for-profit
Net als ondernemingen moeten ook de non-profitinstellingen een goed product
aanbieden en zorgen dat de inkomsten de uitgaven dekken. Velen hanteren
bedrijfseconomische principes om opbrengsten te generen en kosten te beperken. In
dat opzicht bestaat er enige overeenkomst tussen de profitsector en de nonprofitsector. Daarom wordt er ook wel gesproken over de not-for-profitsector
gesproken in plaats van over de non-profitsector. Not-for-profitorganisaties zijn
organisaties die een ideeel doel proberen te realiseren aan de hand van
bedrijfseconomische principes.
Rechtsvormen van een ideele organisatie
In de dienstverlening kom je zowel commerciele als ideele organisaties tegen. Er zijn
twee hoofdvormen; de stichting en de vereniging. Veel maatschappelijke
dienstverlening heeft de rechtsvorm van stichting of vereniging.
Stichting
Een stichting bestaat formeel alleen uit een bestuur en een vermogen of een
inkomstenbron. Het bestuur wendt dat geld aan voor dat goede doel. Een stichting
wordt opgericht via een akte bij een notaris. De statuten zullen het doel van de
stichting, de totstandkoming van het bestuur en de werkwijze vermelden.
Bestuursleden zijn niet persoonlijk aansprakelijk voor wat de stichting doet, tenzij zij
onrechtmatig handelen. Het doel is ideeel of goed als de activiteiten niet zijn gericht
op winst maar op het welzijn van anderen. De stichting als rechtspersoon zal de
doelen nastreven.
Van een stichting kun je niet lid worden. Wel donateur met geld, om het werk van de
stichting te steunen.

Vereniging
Een vereniging is een samenwerkingsverband van leden die een gemeenschappelijk
ideeel doel nastreven.
Wil een vereniging als rechtspersoon kunnen functioneren, dan dient zij officieel te
worden opgericht via notariele akte. Bij een verenging is de ledenvergadering het
hoogste gezag. 1 keer per jaar moet dit plaatsvinden. Hierin legt het bestuur
verantwoording af voor het tot dan toe gevoerde beleid en dient het goedkeuring te
vragen voor het te voeren beleid in het komende jaar. Een bijzondere vorm van een
vereniging is de coperatie, een samenwerkingsverband met een economisch doel.
Als een coperatie winst maakt, wordt dit uitgekeerd aan de leden. Formeel bestaat
een vereniging dus uit leden die zelf een bestuur formeren. Feitelijk kan dit bestuur
zeer losstaan van de leden.
Professionalisering van de dienstverlenende organisaties, organisatieleer en
organisatiekunde
Professionalisering is de ontwikkeling van vrijwillige inspanning om een ideeel doel te
bereiken naar betaald werk van geschoolde hulpverleners binnen een instelling.
Je kunt op verschillende manieren iets over organisaties zeggen: als waarneming of
als aanbeveling. In het eerste geval spreek je over een leer of een theorie, in het
tweede geval over een kunde.
Organisatieleer of organisatietheorie is de tak van wetenschap die iets zegt over de
feitelijke structuren van organisaties en de processen binnen organisaties. Er worden
verbanden gezocht tussen de verschillende verschijnselen. Deze gevonden relaties
worden beschreven in theorieen.
Organisatiekunde richt zich op de vaardigheden die nodig zijn om goed te kunnen
organiseren of goed te kunnen werken in een organisatie. In tegenstelling tot
organisatietheorie of leertheorie is organisatiekunde dus prescriptief.
Organisatiekunde is de leer die zich richt op de vaardigheden die nodig zijn om goed
te kunnen organiseren of goed te kunnen werken in een organisatie.
-Een organisatie kan alleen bestaan als er mensen zijn die een gemeenschappelijk
doel willen realiseren.
-Om de doelen van de organisaties te bereiken zijn er, behalve medewerkers, ook
andere hulpmiddelen nodig: geld, tijd, werkruimte en apparatuur.
-Het streven naar winst kan zowel leiden tot een ruim aanbod bij lage prijzen als tot
het negeren van de belangen van de klant.
-Bij massaproducten is de communicatie van de fabrikant met de klant beperkt tot
marktonderzoek en reclame.
-Dienstverlening vereist een directe, min of meer hechte relatie tussen klant en
beroepskracht.
-Dienstverlening streeft verandering na bij de klant.

Toon preview als tekst ▼
Reacties (0)

Plaats als eerste een vraag of opmerking over dit document.

€ 4,89

Koop dit documentDocument in winkelwagen
  • check Niet tevreden? Geld terug
  • check Document direct te downloaden
Specificaties
Verkoper
Ilsehoekstra
Ilsehoekstra

Aantal documenten: 56

Aanbevolen documenten
Inloggen via Facebook
Inloggen via e-mail
Nieuw wachtwoord aanvragen
Aanmelden via Facebook
Registreren via e-mail
Aanmelden via Facebook
Winkelwagen

Actie: ontvang 10% korting bij aankoop van 3 of meer documenten!

Actie: ontvang 10% korting bij aankoop van 3 of meer documenten!

[Inviter] geeft je €2,50 om samenvattingen te kopen

Bij Knoowy koop en verkoop je de beste studiedocumenten direct van studenten.
Upload ten minste één document, help andere studenten en krijg €2,50 tegoed.

Meld je aan en claim je tegoed