Gebruik de 38 oefenvragen om jezelf voor te bereiden en te testen of je de leerstof kent.
Koop de oefenvragen en wees voorbereid voor je volgende toets.
In winkelwagenWe zien dat depressie rond 13 jarige leeftijd duidelijk meer voorkomt bij meisjes dan jongens. Wat is hier geen verklaring voor?
1. vanaf de puberteit is de genetische overerving van depressie groter
2. Meisjes maken veel levensveranderingen mee
3. Meisjes in de pubertijd maken veel hormonen aan, die depressie in de hand werken
4. Meisjes zijn vaker het slachtoffer van seksueel geweld, en hebben dus veel te verwerken
Welke van volgende stoornissen kunnen egosyntoon zijn?
1.Dwanggedrag
2.Dranggedrag en impulsief gedrag
3.Dwanggedrag en impulsief gedrag
4. Alle drie
4
Drang en impulsief gedrag zijn altijd egosyntoon. Dwanggedrag is normaal egodystoon, op uitzondering van de 5% die geen inzicht heeft in de ziekte. Ze KUNNEN dus allemaal egosyntoon zijn.
input text value
Bij welk van volgende stoornissen komt Braken voor?
1. Anorexia Nervosa, BED
2. Anorexia Nervosa, Boulimia Nervosa
3. Boulimia Nervosa, BED
4. Anorexia Nervosa, BED en boulimia Nervosa
2
Bij Anorexia Nervosa (purgerende type) en Boulimia komen braken voor. Bij BED komen vreetbuien voor, maar geen compenseergedrag.
input text value
Wat betekent 'Animisme'
1. Een denkbeeldig vriendje
2.Dat stenen ook boos en verdrietig kunnen zijn
3.Dat kinderen het verschil niet kennen tussen fantasie en realiteit
4. Kinderen geloven dat superhelden echt bestaan
Kelly is enorm van slag wanneer ze gescheiden wordt van haar mama. Aan de schoolpoort gaat het altijd mis: ze klampt zich vast aan mama, is overstuur en heeft buikpijn bij een scheidingsmoment. Wat zou jij de mama van Kelly niet aanraden?
1. Herhalen dat je gelooft dat Kelly het kan
2.Een plaatsvervangend object meegeven, een knuffelbeer ofzo.
3.Met Kelly meegaan naar de klas en daar nog even blijven.
4.
Er komt veel kritiek op de DSM en het medisch model. Welk van volgende uitspraken is fout geformuleerd?
1. DSM is opgesteld door een (politieke) overeenkomst
2. Psychiatrie kan men niet vastleggen op beeldvorming, waardoor het niet even betrouwbaar is
3.Het is onmogelijk het onderscheid te maken geestelijk gezonde- en geestelijke ongezonde patiënten
4. het categoriaal idee voorkomt dat men restcategorieën heeft.
Welke behoort niet tot de negatieve symptomen?
1.Apathie
2. Alogie
3. Anhedonie
4. Asociaal gedrag
Welke patiënt heeft een depressie?
1. Anhedonie - anorexia - sombere stemming - vroeger wakker worden - zelfverwijten
2. anhedonie - sombere stemming - remming - doodsgedachten
3. anhedonie - sombere stemming - anorexie - hallucinaties - dodenwens
4. verminderde concentratie - doodsgedachten - agitatie - vermoeidheid - minder eetlust
1
5/9 symptomen, waaronder minstens 1 kernsymptoom
input text value
Koop de oefenvragen en wees voorbereid voor je volgende toets.
In winkelwagen
Leer je de oefenvragen liever vanaf papier? Download dan de 38 oefenvragen als PDF.
In winkelwagen
Verdien geld met het maken van oefenvragen en leer direct voor je aankomende toets.
Oefenvragen makendit zijn de examenvragen van afgelopen jaren. Deze kwamen effectief voor op het examen!!
Meerkeuze examens, met giscorrectie.
Prof. Pascal Sienaert en Marina Danckaerts
38 oefenvragen
4x verkocht
Nederlands
20-06-2022
Universiteit / KU Leuven / Psychologie / psychologie en psychopathologie
We zien dat depressie rond 13 jarige leeftijd duidelijk meer voorkomt bij meisjes dan jongens. Wat is hier geen verklaring voor?
1. vanaf de puberteit is de genetische overerving van depressie groter
2. Meisjes maken veel levensveranderingen mee
3. Meisjes in de pubertijd maken veel hormonen aan, die depressie in de hand werken
4. Meisjes zijn vaker het slachtoffer van seksueel geweld, en hebben dus veel te verwerken
Welke van volgende stoornissen kunnen egosyntoon zijn?
1.Dwanggedrag
2.Dranggedrag en impulsief gedrag
3.Dwanggedrag en impulsief gedrag
4. Alle drie
Bij welk van volgende stoornissen komt Braken voor?
1. Anorexia Nervosa, BED
2. Anorexia Nervosa, Boulimia Nervosa
3. Boulimia Nervosa, BED
4. Anorexia Nervosa, BED en boulimia Nervosa
Wat betekent 'Animisme'
1. Een denkbeeldig vriendje
2.Dat stenen ook boos en verdrietig kunnen zijn
3.Dat kinderen het verschil niet kennen tussen fantasie en realiteit
4. Kinderen geloven dat superhelden echt bestaan
Kelly is enorm van slag wanneer ze gescheiden wordt van haar mama. Aan de schoolpoort gaat het altijd mis: ze klampt zich vast aan mama, is overstuur en heeft buikpijn bij een scheidingsmoment. Wat zou jij de mama van Kelly niet aanraden?
1. Herhalen dat je gelooft dat Kelly het kan
2.Een plaatsvervangend object meegeven, een knuffelbeer ofzo.
3.Met Kelly meegaan naar de klas en daar nog even blijven.
4.
Er komt veel kritiek op de DSM en het medisch model. Welk van volgende uitspraken is fout geformuleerd?
1. DSM is opgesteld door een (politieke) overeenkomst
2. Psychiatrie kan men niet vastleggen op beeldvorming, waardoor het niet even betrouwbaar is
3.Het is onmogelijk het onderscheid te maken geestelijk gezonde- en geestelijke ongezonde patiënten
4. het categoriaal idee voorkomt dat men restcategorieën heeft.
Welke behoort niet tot de negatieve symptomen?
1.Apathie
2. Alogie
3. Anhedonie
4. Asociaal gedrag
Welke patiënt heeft een depressie?
1. Anhedonie - anorexia - sombere stemming - vroeger wakker worden - zelfverwijten
2. anhedonie - sombere stemming - remming - doodsgedachten
3. anhedonie - sombere stemming - anorexie - hallucinaties - dodenwens
4. verminderde concentratie - doodsgedachten - agitatie - vermoeidheid - minder eetlust
Wat houdt presuïcidaal-syndroom in?
1. Agressieomkeer, GEEN suïcidale fantasieën, GEEN tunnelvisie
2. GEEN agressieomkeer, GEEN suïcidale fantasieën, tunnelvisie
3. Agressieomkeer, suïcidale fantasieën en tunnelvisie
4. Geen agressieomkeer, suïcidale fantasieën, GEEN tunnelvisie
Op basis waarvan bepalen we de ernst van ASS?
1. Het aantal symptomen
2. De leeftijd waarop de symptomen voorkomen
3. De mate waarin ze ondersteuning nodig hebben.
4. De comorbiditeit met andere stoornissen
Welke symptoomcluster behoort niet tot de bepaling van middelengerelateerde stoornis?
1. Craving
2. Vermindere controle
3. Meer risicovol gedrag
4. Farmacologische factoren
Welk van de symptomen behoort niet tot de diagnose van ASS?
1. Deficiëntie in non-verbale communicatie
2. Deficiëntie in verbale communicatie
3. Deficiëntie in het aangaan van relaties
4. Deficiëntie in sociale wederkerigheid
Welke van volgende factoren treed zowel bij Anorexia Nervosa, Boulimia Nervosa en BED?
1. Lijnen
2. Braken
3. Vreetbuien
4. Alles
Depressie kent een stijging vanaf de pubertijd, wat is hier geen verklaring voor?
1. het lymbisch systeem rijpt eerder dan het frontaal systeem, waardoor emotie-generatie voor emotie-regulatie plaatsvind
2. Jongeren streven naar autonomie, waardoor ouderlijke steun afneemt
3. Genetische overerving van depressie stijgt in de pubertijd
4. Jongeren zullen meer worstelen met seksualiteit en genderidentiteit
Welke uitspraak klopt?
1. VEOP komt evenveel voor als EOP
2. VEOP voorspelt dat men in latere levensfasen nog meer psychoses zal meemaken
3. EOP komt meer bij meisjes dan jongens voor
4. Geen van bovenstaande
Voor welke doelgroep is ECT niet de beste oplossing?
1. Oudere patiënten
2. Patiënten met psychomotore problemen
3. Patiënten met suïcidaliteit
4. Patiënten met negatieve symptomen
Welke van onderstaande behoren niet tot de 5R's?
1. Reduction
2. Recovery
3. Relapse
4. Remission
Wat zien we niet bij manie?
1. Sociaal- en beroepsmatig functioneren wordt belemmerd
2. Middelenmisbruik
3. Opname in psychiatrie
4. Psychotische symptomen
Het verschil tussen bipolaire stoornis en borderline persoonlijkheidsstoornis is vaak moeilijk te maken. Welke van volgende uitspraken klopt?
1. Bij bipolaire stoornis nemen de symptomen af naarmate men ouder wordt
2. Bij borderline persoonlijkheidsstoornis worden conflicten uitgelokt door interpersoonlijke factoren
3. Bij Bipolaire stoornis zijn de symptomen al op kinderleeftijd aanwezig
4. Bij Bipolair stoornis zijn de stemmingswisselingen van kortere duur
Welke factoren bepalen niet het verschil tussen depressieve stoornis en bipolaire stoornis?
1.Beginleeftijd van de aandoening
2. Geslacht van de patiënt
3. Hoeveel van de episodes
4. Duur van de episodes
Welke uitspraak betreffende Trauma's is juist?
1. Complex type 2 trauma is geen DSM-classificatie
2. Type 2 trauma is minder ernstig dan type 1 trauma
3. Complex type 2 trauma betekend dat de dader bewust het trauma aanbracht
4. Complex type 2 trauma komt meer voor dan andere
Wat is geen functie van schoolweigering?
1. Vermijdingsgedrag
2. Controlegedrag
3. Eigen wil doordrijven
4. Allemaal
Casus: meisje van 16. Ze heeft een moeilijke relatie met haar ouders, is heel fars tegen ouders. Op school gaat het moeilijk: ze pest anderen en weet exact hoe ze anderen moet manipuleren. Ze brengt haar dagen door in Brussel en komt soms dagenlang niet thuis. Ze weet anderen geld af te troggelen. Welke diagnose is te verwachten?
1. Trauma-ontwikkelingsstoornis
2. Sociaal-ontremde contactstoornis
3. Periodiek explosieve stoornis
4. Normoverschrijdende gedragsstoornis
Wat is geen goede reactie op angst bij kinderen?
1. Zelf openlijk spreken over de eigen angsten
2. fantasiespel
3. mopjes vertellen
4. kind vastpakken
Welke associatie zien we met sociaal-ontremde contactstoornis (SOCS)?
1. SOCS en ambivalente hechting
2. SOCS en veilige hechting
3. SOCS en vermijdende hechting
4. SOCS en gebrek aan hechting
Link tussen mishandeling en psychopathologie. Welke uitspraak klopt niet?
1. Hersenafwijkingen als gevolg van chaken baby syndroom
2. Er is geen directe link tussen mishandeling en psychopathologie
3. psychologisch trauma
4. Hechtingsstoornis leidt tot relatieproblemen
Casus: man van 70j. Hij loopt stroef, bijna parkinson-achtig. Hij ziet overal kevertjes lopen. Wanneer je een verhaal vertelt tegen hem, lijkt hij niet op te letten. Hij begint dan zelf over iets anders. Zijn geheugen is in tact. Welke diagnose is waarschijnlijk?
1. NCS met Alzheimer
2. NCS met frontotemporale problemen
3. Delier
4. NCS met lewy lichaampjes
'Heb je je een kater tegengegaan door opnieuw te gaan drinken?' Bij wat hoort het van de CAGE-vragenlijst?
1. C
2. A
3. G
4. E
Welke uitspraak klopt niet?
1. Subjectieve beleving van een trauma is bepalender dan het objectieve gevaar
2. mate van hulpeloosheid en angst spelen een belangrijke rol bij het ontwikkelen van PTSS
3. Mannen zullen sneller PTSS ontwikkelen dan vrouwen
4. Bewust aangebrachte schade verhoogt de kans op PTSS
Wat is geen risicofactor in het ontwikkelen van verslaving?
1. Exploratief gedrag
2. Gevoeligheid voor peerpressure
3. Comorbiditeit
4. Gevoeligheid voor belonend effect van het middel
Welke functies verslechteren bij het ouder worden?
1. Zintuigelijk geheugen
2. Abstract redeneren
3. semantisch geheugen
4. Episodisch geheugen
Wat is typisch voor een delirium?
1. Acuut - verminderd besef van omgeving - lichamelijke oorzaak
2. Acuut - Helder bewustzijn - Problemen in de waarneming
3. Chronisch - Verminderde aandacht - lichamelijke oorzaak
4. Chronisch - rusteloosheid - ataxie
Casus: Marcel is 78 jaar. Hij ziet iedereen in zijn omgeving als een manifestatie van dezelfde persoon. Welke diagnose zou je stellen?
1. Capras syndroom
2. Fregoli syndroom
3. Mild Cognitive Impairment
4. Transiënt global Amnesia
het STAR D onderzoek heeft enkele conclusies getrokken m.b.t. de werking van antidepressieva. Welke zijn/is dit?
1. er is weinig verschil tussen de verschillende vormen van antidepressieva
2. er is weinig verschil tussen CGT en anti-depressieva
3. anti depressieva behelpt depressie niet helemaal
4. alle bovenstaande
Welke uitspraak klopt i.v.m. ADHD?
1. bij Peuters-kleuters zien we vooral impulsiviteit en hyperactiviteit
2. Bij peuters-kleuters zien we vooral aandachtsproblemen
3. Bij lagere schoolkinderen zien we vooral impulsiviteiten en hyperactiviteit
4. ADHD komt niet voor bij peuter-en kleuter
Casus: Emma is 7 jaar. Sinds haar 4de heeft ze herhaaldelijke motorische tics, die elkaar steeds afwisselen. Vorig jaar had ze ook tijdelijk vocale tics. Wanneer ze naar buiten stapt moet ze steeds 2 stappen links en 1 stap rechts zetten. welke diagnose is waarschijnlijk.
1. Persisterende ticstoornis met dwangstoornis
2. Persisterende ticstoornis
3. Gilles-de-la-tourette stoornis
4. Gilles - de- la - tourette Plus stoornis
Wat hoort niet bij COPRFENOMEEN?
1. Tijdens een gesprek plots een vuil woord uitroepen
2. Veel schelden tijdens frustratie
3. Onbewust je middelvinger opsteken
4. Onbewust een scheldwoord roepen
Welke uitspraak klopt niet?
1. taalontwikkeling is een goede voorspeller voor later gedragsproblemen
2. sociale vaardigheden zijn een goede voorspeller voor latere gedragsproblemen
3. ADHD is een goede voorspeller voor latere gedragsproblemen
4. Alle bovenstaande zijn fout
Prima site voor studenten die hulp zoeken. Je kan mensen raadplegen voor hulp.
Maak het jezelf een beetje makkelijker. Knoowy is snel en effectief. Zeer gebruiksvriendelijk.
Super website. Ik ben heel tevreden met de diensten. Knoowy is een aanrader.
Dit is de beste manier van samenvatten! Ik gebruik Knoowy om samenvatting te vinden over het onderwerp waar ik een toets over krijg. Dan vind ik het altijd, dat is erg fijn!
Prettige site om studenten te helpen met het nakijken van verslagen en het helpen met maken van opdrachten. De communicatie gaat gemakkelijk en wanneer mensen een oproep doen zijn ze goed zichtbaar om op te reageren.
Een echte aanrader voor studenten. Knoowy is heel gemakkelijk te gebruiken.
Goede samenvattingen die je een hoop tijd besparen. De kosten zijn ook erg redelijk.
Prima samenvatting ter ondersteuning van studie of verdieping. Maak gebruik van de diensten van Knoowy.