Gebruik de 55 oefenvragen om jezelf voor te bereiden en te testen of je de leerstof kent.
Koop de oefenvragen en wees voorbereid voor je volgende toets.
In winkelwagenEen bewering: Waarneming leidt tot gedrag.
Toon de juistheid van de bewering aan.
Als je iets waarneemt dan weet je wat er om je heen gebeurt. Hierop kan je reageren: gedrag.
Pagina 148.
input text value
Geef aan welke volgorde juist is:
A Verwerking
B Waarneming
C Prikkel
D Spier
E Impuls.
Een bewering: De kleine hersenen reguleren gedrag.
Geef aan of de bewering juist is.
Een bewering: Een reflex ontstaat in de ruggenmerg.
Geef aan of de bewering juist is.
Geef aan hoe de blinde vlek ontstaat.
Dit is de plek waar het netvlies niet zit, omdat hier het oog vastzit aan de zenuw.
Pagina 153.
input text value
Geef de volgorde van klein naar groot.
A Cel
B Orgaanstelsel
C Orgaan
D Weefsel
Een aantal beweringen over het oog:
- De pupil is een gat in het oog.
- De lens vervormt het beeld.
- De iris kan zowel bruin als groen zijn.
Geef aan hoeveel beweringen juist zijn.
3.
Alle drie de beweringen zijn juist.
input text value
Geef aan wat typerend is aan de gele vlek.
Met dat punt zie je het beste.
Pagina 154.
input text value
Koop de oefenvragen en wees voorbereid voor je volgende toets.
In winkelwagen
Leer je de oefenvragen liever vanaf papier? Download dan de 55 oefenvragen als PDF.
In winkelwagen
Verdien geld met het maken van oefenvragen en leer direct voor je aankomende toets.
Oefenvragen maken
Oefenvragen behorende bij het derde hoofdstuk van Natuuronderwijs Inzichtelijk.
De oefenvragen zijn zowel reproductief als inzichtelijk.
Bij elke vraag staat gegeven op welke bladzijde extra uitleg over de vraag te vinden is.
55 oefenvragen
55x verkocht
Nederlands
17-04-2022
HBO / Thomas More Hogeschool / Leraar Basisonderwijs / Natuur & Techniek
Natuuronderwijs inzichtelijk - Carla Kersbergen, Amito Haarhuis
Een bewering: Waarneming leidt tot gedrag.
Toon de juistheid van de bewering aan.
Geef aan welke volgorde juist is:
A Verwerking
B Waarneming
C Prikkel
D Spier
E Impuls.
Een bewering: De kleine hersenen reguleren gedrag.
Geef aan of de bewering juist is.
Een bewering: Een reflex ontstaat in de ruggenmerg.
Geef aan of de bewering juist is.
Geef aan hoe de blinde vlek ontstaat.
Dit is de plek waar het netvlies niet zit, omdat hier het oog vastzit aan de zenuw.Geef de volgorde van klein naar groot.
A Cel
B Orgaanstelsel
C Orgaan
D Weefsel
Een aantal beweringen over het oog:
- De pupil is een gat in het oog.
- De lens vervormt het beeld.
- De iris kan zowel bruin als groen zijn.
Geef aan hoeveel beweringen juist zijn.
Geef aan wat typerend is aan de gele vlek.
Met dat punt zie je het beste.Jan komt binnen in een donkere kamer.
Geef aan
- wat er gebeurt met zijn reflex en
- wat de term hiervoor is.
Pim ziet geen kleuren, maar wel het verschil tussen ligt en donker.
Geef aan wat er met Pim aan de hand is.
A) Pims kegeltjes werken niet goed, zijn staafjes wel.
B) Pims kegeltjes werken goed, zijn staafjes niet.
C) Pims kegeltjes en staafjes werken niet goed.
D) Pims kegeltjes en staafjes werken beide goed.
Een aantal beweringen over het oor:
- Het uitwendig gedeelte van het oor ontvangt het geluid.
- Het middenoor versterkt de trillingen.
- Het binnenoor zet de trilling om in elektrische signalen.
Geef aan hoeveel beweringen juist zijn.
Bij oorontsteking staat er veel druk op het trommelvlies.
Een bewering: Bij oorontsteking hoor je slecht.
Geef aan of de bewering juist is.
Een aantal beweringen over het oor:
- Het slakkenhuis bevat vloeistof.
- Het evenwichtsorgaan bestaat uit drie delen met vloeistof.
- De buis van Eustachius zorgt ervoor dat de druk op het trommelvlies altijd zo hoog mogelijk is.
Geef aan hoeveel beweringen juist zijn.
Het skelet van een dolfijn is veel minder sterk dan van een olifant.
Verklaar dit.
Verklaar dat onze ruggengraad een S-vorm heeft.
Een bewering: Het schouderblad zit hoger in het lichaam dan het scheenbeen.
Geef aan of de bewering juist is.
Een bewering: Het kuitbeen zit hoger in het lichaam dan de voetwortelbeentjes.
Geef aan of de bewering juist is.
Een bewering: Het heupbeen is groter dan een rib.
Geef aan of de bewering juist is.
Een bewering: De hersenschedel is bij de geboorte van een mens opgedeeld in kleine stukken.
Geef aan of de bewering juist is.
Geef aan wat in beenmerg aangemaakt wordt.
A) Witte bloedcellen
B) Rode bloedcellen
C) Bloedplaatjes
D) Bloedplasma
Geef aan welk type gewricht de knie is.
Geef aan welk type gewricht de nek is.
Een triceps en de biceps zijn elkaars ...
Vul in.
Een bewering: De bovenbeenspieren zijn dwarsgestreepte spieren.
Geef aan of de bewering juist is.
Een bewering: De hartspier is een dwarsgestreepte spier.
Geef aan of de bewering juist is.
Geef aan in welke volgorde een voedselbrok langs de volgende onderdelen komt.
A Mondholte
B Endeldarm
C Maagportier
D Slokdarm
E Galblaas
Een man ligt op zijn buik.
Geef aan wat het dichtst bij de grond is.
Kies uit: slokdarm, luchtpijp.
Eiwitvertering vindt plaats in de maag.
Vetvertering vindt plaats na de maag.
Een bewering: Gal is een enzym.
Geef aan of de bewering juist is.
Geef aan waar gal
- wordt gemaakt en
- wordt opgeslagen.
De dunne darm bestaat uit veel darmvlokken.
Geef aan waarom er darmvlokken zijn.
Geef aan wat er in de endeldarm plaatsvindt.
A) Enzymatische vertering
B) Bacteriële vertering
C) Mechanische vertering
D) Geen vertering
Geef voor de volgende stoffen aan onder welke categorie ze vallen.
Kies uit: bouwstof, brandstof, beschermende stof, ballaststof.
- Vezels;
- IJzer;
- Fluoride;
- Koolhydraten;
- Vitamine.
Een bewering: Bouwstoffen kunnen ook gebruikt worden als brandstof.
Geef aan of de bewering juist is.
Een bewering: Cariës ontstaan door uitscheiding van bacteriën in de mond.
Geef aan of de bewering juist is.
Geef aan waar insuline en glucagon worden aangemaakt.
Geef aan of onderstaande juist is.
Glucose + Insuline = Glycogeen
Glycogeen + Glucagon = Glucose
Een aantal beweringen over het ademhalingsstelsel:
- De longen zetten uit, waardoor de tussenribspieren worden opgerekt.
- De longen zetten uit, doordat de tussenribspieren in elkaar worden getrokken.
- De longen zetten uit, doordat het middenrif omlaag wordt getrokken.
Geef aan hoeveel beweringen juist zijn.
Een aantal beweringen over het ademhalingsstelsel:
- Wij halen adem door luchtdrukverschillen te creëren.
- Je hoest of niest als het slijmvlies in de neus- of keelholte geïrriteerd is.
- De zuurstof wordt door witte bloedcellen vervoerd.
Geef aan hoeveel beweringen juist zijn.
Het bloed van een dier is blauw. Geef aan welk deel in het bloed van dit dier ontbreekt als we het vergelijken met menselijk bloed.
Sanne is gevallen. Ze heeft een wond en het blijft maar bloeden. Ze moet snel een injectie krijgen met een bepaald deel van het bloed.
Geef aan met welk deel van het bloed Sanne een injectie moet krijgen.
Geef aan welke delen van het lichaam door het bloed vervoerd worden.
A) Zuurstof
B) Antistoffen
C) Hormonen
D) Afvalstoffen
Bij dissimilatie worden cellen verbrand. Hierbij komt warmte vrij.
Geef aan hoe deze warmte het lichaam uitgaat.
Geef aan in welke volgorde het bloed zich beweegt als het begint in de longader.
A Linkerkamer
B Linkerboezem
C De lever
D De aorta
E Holle ader(s)
F Rechterkamer
G Rechterboezem
Een bewering: Vissen hebben een enkele bloedsomloop.
Geef aan welke bewering juist is.
Een bewering: Slagaders bevatten zuurstofrijk bloed.
Geef aan of de bewering juist is.
Slagaders zijn steviger dan aders.
Verklaar dit.
Geef aan
- wat het effect is van adrenaline en
- waar adrenaline wordt gemaakt.
Het afweersysteem bestaat uit drie lagen.
1) Mechanische afweer
2) Cellulaire afweer
3) Moleculaire afweer.
Een virus wordt buitengehouden door de huid.
Geef aan tot welke laag dit behoort.
Het afweersysteem bestaat uit drie lagen.
1) Mechanische afweer
2) Cellulaire afweer
3) Moleculaire afweer.
Geef aan wat cellulaire afweer is.
Een bewering: Een vis heeft ook een zwezerik.
Geef aan of de bewering juist is.
Een bewering: Het lymfevatenstelsel ondersteunt het bloedvatenstelsel.
Geef aan of de bewering juist is.
Geef aan of onderstaande juist is.
Allergische reactie - Histamineaanmaak - Anafylactische shock - Bloedvatverwijding
Adrenaline - Bloedvaatvernauwing
Een aantal beweringen over menselijke voortplanting:
- De kans op hiv-besmettingen door orale seks zonder condoom is klein.
- Door orale seks zonder condoom kun je chlamydia krijgen.
- De bevruchting vindt plaats in de eierstokken.
Geef aan hoeveel beweringen juist zijn.
Een aantal beweringen over menselijke voortplanting:
- Het bloed van de moeder komt samen met het bloed van de foetus in de placenta.
- hiv is het virus en aids is de ziekte.
- De prostaat voegt vocht toe aan de zaadcellen.
Geef aan hoeveel beweringen juist zijn.
Een bewering: Een twee-eiige tweeling kan verschillen van geslacht.
Geef aan of de bewering juist is.
Als je bepaalde vakken moeilijk vindt en je er samenvattingen voor nodig hebt, moet je echt bij Knoowy zijn!
Het platform werkt gemakkelijk en snel.
De samenvattingen bevallen me prima. Alles netjes geregeld op de website.
Goede, veilige en mooie website. Erg overzichtelijk veel aanbod en precies wat ik zocht.
Handige website voor examenvragen, samenvattingen, enz. . De website geeft een duidelijk overzicht van de verschillende keuzes die je hebt.
De studiehulp beviel me prima. Alles netjes geregeld op de website.
Aanraden om te gebruiken, er zijn veel samenvattingen te vinden die jou tijdbesparend.
Knoowy biedt een prima service voor studenten, en keuze genoeg qua aanbod.