Gebruik de 32 oefenvragen om jezelf voor te bereiden en te testen of je de leerstof kent.
Koop de oefenvragen en wees voorbereid voor je volgende toets.
In winkelwagenWat is de tegenwoordige tijd van het werkwoord parler (praten)?
Je parle, tu parles, il/elle parle, nous parlons, vous parlez, ils/elles parlent.
input text value
Wat is het verschil tussen cest en il/elle est?
Cest is de verkorte vorm van ce + est en wordt gebruikt voor het aanduiden van een persoon of een zaak. Il/elle est wordt gebruikt voor het aanduiden van een persoon.
input text value
Wat is het verschil tussen de en du?
De wordt gebruikt voor vrouwelijke zelfstandige naamwoorden en du wordt gebruikt voor mannelijke zelfstandige naamwoorden.
input text value
Hoe vervoeg je het werkwoord aller (gaan) in de toekomende tijd?
Je vais aller, tu vas aller, il/elle va aller, nous allons aller, vous allez aller, ils/elles vont aller.
input text value
Wat is het verschil tussen ceci en cela?
Ceci wordt gebruikt om naar iets dichtbij te verwijzen, terwijl cela wordt gebruikt om naar iets verder weg te verwijzen.
input text value
Wat is het verschil tussen on en nous?
On wordt informeel gebruikt om nous (wij) aan te duiden.
input text value
Hoe maak je een zin in de onvoltooid tegenwoordige tijd in het Frans?
Voeg het juiste werkwoordende achter de stam van het werkwoord, gevolgd door de juiste uitgang voor de persoon (je, tu, il/elle, nous, vous, ils/elles).
input text value
Wat is het verschil tussen qui en que?
Qui wordt gebruikt voor het verwijzen naar personen, terwijl que wordt gebruikt voor het verwijzen naar zaken.
input text value
Koop de oefenvragen en wees voorbereid voor je volgende toets.
In winkelwagen
Leer je de oefenvragen liever vanaf papier? Download dan de 32 oefenvragen als PDF.
In winkelwagen
Verdien geld met het maken van oefenvragen en leer direct voor je aankomende toets.
Oefenvragen makenTest je kennis van de grammatica van de Franse taal met deze 32 vragen en antwoorden. Van werkwoordvervoegingen tot grammaticale regels, deze oefenvragen zullen je helpen je vaardigheden te verbeteren.
32 oefenvragen
2x verkocht
Nederlands
13-01-2024
Hogeschool / Odisee / Lerarenopleiding: Lager onderwijs / Frans
Wat is de tegenwoordige tijd van het werkwoord parler (praten)?
Je parle, tu parles, il/elle parle, nous parlons, vous parlez, ils/elles parlent.Wat is het verschil tussen cest en il/elle est?
Cest is de verkorte vorm van ce + est en wordt gebruikt voor het aanduiden van een persoon of een zaak. Il/elle est wordt gebruikt voor het aanduiden van een persoon.Wat is het verschil tussen de en du?
De wordt gebruikt voor vrouwelijke zelfstandige naamwoorden en du wordt gebruikt voor mannelijke zelfstandige naamwoorden.Hoe vervoeg je het werkwoord aller (gaan) in de toekomende tijd?
Je vais aller, tu vas aller, il/elle va aller, nous allons aller, vous allez aller, ils/elles vont aller.Wat is het verschil tussen ceci en cela?
Ceci wordt gebruikt om naar iets dichtbij te verwijzen, terwijl cela wordt gebruikt om naar iets verder weg te verwijzen.Wat is het verschil tussen on en nous?
On wordt informeel gebruikt om nous (wij) aan te duiden.Hoe maak je een zin in de onvoltooid tegenwoordige tijd in het Frans?
Voeg het juiste werkwoordende achter de stam van het werkwoord, gevolgd door de juiste uitgang voor de persoon (je, tu, il/elle, nous, vous, ils/elles).Wat is het verschil tussen qui en que?
Qui wordt gebruikt voor het verwijzen naar personen, terwijl que wordt gebruikt voor het verwijzen naar zaken.Hoe vervoeg je het werkwoord avoir (hebben) in de tegenwoordige tijd?
Wat is het verschil tussen en en y?
Hoe vervoeg je het werkwoord être (zijn) in de verleden tijd?
Wat is het verschil tussen ce en ça?
Hoe maak je een zin in de toekomende tijd in het Frans?
Wat is het verschil tussen si en sy?
Hoe vervoeg je het werkwoord faire (doen/maken) in de onvoltooid tegenwoordige tijd?
Wat is het verschil tussen ceci en ce que?
Hoe maak je een zin in de verleden tijd in het Frans?
Wat is het verschil tussen le en la?
Hoe vervoeg je het werkwoord vouloir (willen) in de toekomende tijd?
Wat is het verschil tussen ceci en celui-ci?
Hoe maak je een zin in de onvoltooid verleden tijd in het Frans?
Wat is het verschil tussen ce en celui?
Hoe vervoeg je het werkwoord pouvoir (kunnen) in de tegenwoordige tijd?
Wat is het verschil tussen ceci en celui-là?
Hoe maak je een zin in de toekomende tijd in het Frans met een reflexief werkwoord?
Wat is het verschil tussen ce en celui-ci?
Hoe vervoeg je het werkwoord devoir (moeten) in de onvoltooid tegenwoordige tijd?
Wat is het verschil tussen ceci en celui?
Hoe maak je een zin in de verleden tijd in het Frans met een reflexief werkwoord?
Wat is het verschil tussen ceci en celui-là?
Hoe vervoeg je het werkwoord savoir (weten) in de toekomende tijd?
Wat is het verschil tussen ce en celui-ci?
Erg handig dat je samenvatting kan vinden van bijna elk boek, heeft mij erg geholpen met het leren voor het tentamen!
Ruime keuze voor verschillende vakgebieden en studieniveaus. Knoowy is een overzichtelijke website met correcte prijzen.
Knoowy is lekker makkelijk en goed als leidraad te gebruiken om verslagen te schrijven.
Ik heb inmiddels aardig wat studenten geholpen met het verbeteren van hun verslagen. Leuk om te doen en fijn dat ik er anderen mee verder kan helpen! Daarnaast leer ik er zelf ook van, door scripties over allerlei onderwerpen te lezen.
Ik raad Knoowy sowieso aan alle studenten aan! voor mijn toelatingstoets geschiedenis, heb ik via Knoowy een super overzichtelijke en complete samenvatting verkregen
Op Knoowy help ik andere studenten met mijn samenvattingen. Ik help hiermee anderen en leer er zelf ook nog ontzettend veel van.
Knoowy documenten kan je goed op weg helpen bij je opleiding.
Ik ben tevreden met Knoowy, door jullie kan ik wat bijverdienen en tegelijkertijd mijn geheugen opfrissen. Zo blijf ik ook tijdens de vakanties nog bezig!