Studiebot antwoord

Stel een vraag ›
 
Vraag gesteld door: caitlinmd - 1 jaar geleden

Maak een oefenexamen van de volgende tekst: Lateralisatie
De cerebrale cortex van het menselijk brein bestaat uit twee aparte hemisferen die met elkaar verbonden zijn door middel vancerebrale commissures. Deze twee delen zijn geen spiegelbeeld van elkaar, maar zijn gespecialiseerd in verschillende functies. Dit wordtlateralisatie van functiegenoemd, de taakverdeling tussen de twee hersenhelften. Informatie die in n hemisfeer binnenkomt, wordt snel doorgegeven aan de andere hemisfeer. De twee delen wisselen dus continu informatie met elkaar uit. Dit wordt gedaan via decerebralecommissures, waarvan een bundel axonen die hetcorpuscallosumwordt genoemd de belangrijkste weg is. Andere verbindingen tussen de hemisferen zijn deanterior commissure, dehippocampus commissureen enkele andere kleinecommissures. De hemisferen oefenen op vele gebieden invloed uit op de contralaterale (tegenovergestelde) kant van het lichaam. Dit geldt ook voor sensorische informatie, met uitzondering van smaak en geur.Wanneer er tekorten zijn in de vaardigheid om taal te begrijpen of te produceren vanwege hersenschade is er sprake van eenafasie. Uit onderzoek is gebleken dat dit vaak in een gebied van de linkerhemisfeer voorkomt. Dit gebied staat inmiddels bekend alsBrocasarea,wat ligt in deinferieure prefrontale cortex.Echter zijn er verschillende soorten afasie, en ligt niet elke vorm van afasie in het Broca-gebied. Ookapraxiewordt geassocieerd met schade in de linkerhemisfeer. Hierbij hebben patinten moeite met het uitvoeren van vrijwillige bewegingen die niet in de context passen. Dezelfde bewegingen voeren ze echter moeiteloos uit wanneer er niet over nagedacht hoeft te worden. Het idee dat de linkerhemisfeer een belangrijke rol speelt in spraak en vrijwillige beweging heeft geleid tot de theorie vancerebrale dominantie, die stelt dat n hemisfeer dominant is. Dit heeft geleid tot de gedachte dat de linkerhemisfeer dedominante hemisfeeris en de rechterhemisfeer deminor hemisfeer. Daarnaast zorgde het ervoor dat er onderzoek werd gedaan naar verdere gelateraliseerde functies.

Er zijn verschillende manieren waarop lateralisatie onderzocht kan worden:
Er kunnen experimenten uitgevoerd worden met mensen met hersenschade aan n hemisfeer, waardoor de andere hemisfeer voor een bepaalde functie aan het werk gezet wordt;
Natrium-amytal test: een injectie van natrium-amytal in de halsslagader aan n zijde van de nek verdooft bepaalde delen van de hemisfeer voor enkele minuten, waardoor de capaciteit van de andere zijde onderzocht kan worden. De patint wordt gevraagd enkele bekende series, zoals het alfabet en de maanden van het jaar, op te noemen. Dit proces wordt herhaald voor de andere hemisfeer. Wanneer de patint moeite heeft met het opnoemen van de series, is de hemisfeer die gespecialiseerd is in spraak (vaak de linkerhemisfeer) op dat moment verdoofd. Deze test wordt vaak gegeven vlak voor hersenoperaties, waarbij de chirurg de resultaten gebruikt om de operatie te plannen en schade aan belangrijke hersengebieden voor taal te voorkomen. Dit is echter een erg riskant onderzoek en heeft in sommige gevallen zelfs tot de dood geleid;
Dichotische luistertest: drie paren van getallen worden door oordoppen tegelijkertijd aan beide oren doorgegeven. Elk oor ontvangt een ander getal. De meeste mensen herhalen een kleine meerderheid van de getallen die zij aan het rechteroor ontvangen hebben. Dit leidt tot de conclusie dat de linker hemisfeer gespecialiseerd is in taal. Deze test wordt gegeven aan gezonde mensen;
Functionele beeldvorming van de hersenen: hersenactiviteit wordt gemonitord, modernere technieken om deze te meten zijn onder anderefunctional magnetic resonance imaging(fMRI) enpositron emission tomography (PET) testen. Op taaltesten laten deze scans vaak veel meer activiteit zien in de linkerhemisfeer dan in de rechterhemisfeer.
Functies van beide hemisferen
Het licht van de rechterhelft van hetvisuele veld(wat iemand ziet) raakt de linkerhelft van elke retina, deze zijn verbonden met de linkerhemisfeer. Dit zorgt ervoor dat de rechterhelft van het visuele veld zichtbaar wordt. Andersom geldt hetzelfde: het licht van de linkerhelft van het visuele veld raakt de rechterhelft van elke retina, deze zijn verbonden met de rechterhemisfeer. Een verticale streep in het midden van elke retina is verbonden met beide hersenhelften. Ongeveer de helft van de axonen van elk oog kruist naar de tegenovergestelde kant van het brein in hetoptisch chiasma, een kruispunt van zenuwvezels net boven de hypofyse. Hierdoor wordt visuele informatie uit het rechtergezichtsveld verwerkt in de linkerhemisfeer en vice versa. Deze kruising zorgt ervoor dat visuele waarneming optimaal wordt gecordineerd, wat essentieel is voor een goed dieptezicht en het correct interpreteren van visuele stimuli. Dit mechanisme illustreert het belang van contralaterale organisatie in de hersenen.Voor veel functies is er geen wezenlijk verschil tussen de twee hemisferen. Als die verschillen dan toch bestaan, gaat het meer om een lichte voorkeur in het voordeel van een hemisfeer tegenover de andere. Voorbeelden hiervan zijn:
Wanneer complexe, cognitief gedreven bewegingen worden gemaakt, wordt de meeste activatie in het brein gezien in de contralaterale kant van het brein (gezien vanaf het lichaamsdeel waar de beweging mee wordt gemaakt). Toch wordt er ook wat activatie gezien in de ipsilaterale kant (dezelfde kant). De activatie bij de linkerhersenhelft is substantieel meer aanwezig dan bij de rechterhersenhelft;
Het ruimtelijk vermogen, het vermogen om visuele en ruimtelijke relaties tussen objecten en ruimte te begrijpen, lijkt beter te zijn ontwikkeld in de rechterhemisfeer dan in de linkerhemisfeer;
De rechterhemisfeer lijkt dominant te zijn bij het testen van emotie gerelateerde zaken. Dit kwam bijvoorbeeld naar voren in onderzoek naar het accuraat koppelen van gezichtsuitdrukkingen en emoties;
Het muzikaal vermogen lijkt ook in de rechterhemisfeer dominant te zijn;
Er zijn verschillen in de hemisferen als we kijken naar geheugen. Zo speelt de linkerhemisfeer een grotere rol in het herinneren van verbaal materiaal. De rechterhemisfeer speelt daarentegen een grotere rol in het herinneren van non-verbaal materiaal.
Bij het onderzoeken vancerebrale lateralisatie van functie, is er ook gekeken naar de anatomische verschillen tussen de twee hemisferen. Hierbij is er vooral een interhemisferisch verschil gevonden in de grootte van drie gebieden in de cortex die belangrijk zijn voor taal. De meest onderzochte verschillen zijn hetfrontaleoperculum, een gebied in de frontaal kwab waar in de linkerhemisfeer het gebiedvanBroca te vinden is. In de temporaalkwab vinden we hetplanumtemporale(gebiedvanWernicke), dit gebied speelt een rol bij het begrijpen van taal en is groter in de linker hemisfeer, enHeschls gyrus, de locatie van de primaire auditieve cortex. Er zijn twee problemen bij het onderzoek naar deze anatomische asymmetrie. Zo zijn de grenzen van de gebieden onduidelijk en bestaan er grote verschillen in de structuur van deze gebieden onder gezonde mensen.
Split-brain
De twee hemisferen van de hersenen communiceren voornamelijk via hetcorpuscallosum, de grootstecerebralecommisure. Vroeger sneden chirurgen hetcorpuscallosumsoms door bij patinten met ernstige epilepsie (episodes van buitensporige neurale activiteit die epileptische aanvallen veroorzaken). Dit proces,commissurotomiegenoemd, zorgt ervoor dat de twee hemisferen niet meer volledig met elkaar kunnen communiceren, wat leidt tot eensplit-brainsyndroom. Personen metsplit-brainhebben moeite om hun handen samen te gebruiken bij taken die ze voor de operatie nooit hebben uitgevoerd. Wel kunnen ze hun handen onafhankelijk gebruiken op een manier die anderen niet kunnen, bijvoorbeeld twee verschillende symbolen tegelijk tekenen. In de eerste weken na de operatie functioneren de helften als onafhankelijke "personen" die een lichaam delen, maar dit effect neemt in de loop van de tijd af (hoewel nooit volledig). Hetcorpuscallosumkan niet helen, maar het brein leert de kleinerecommissures te gebruiken voor communicatie.
Split-brain experimenten
Myers en Sperry (1953) voerden een experiment uit bij katten, waarbij ze de dieren leerden een simpele visuele discriminatietaak uit te voeren. De katten kregen twee panelen met symbolen te zien en leerden welke ze moesten aanraken om voedsel te krijgen. In de experimentele groep waren hetcorpuscallosumen het optisch chiasma volledig doorgesneden, en droegen de katten een ooglapje op n oog. Deze katten leerden de taak even snel als de controlegroep, bestaande uit katten met een intactcorpuscallosumof waarbij slechts n van beide structuren was doorgesneden. Een enkele hemisfeer kan dus simpele taken even snel leren als een intact brein. Toen het ooglapje werd verplaatst, hadden de katten met gesplitste breinen echter veel moeite met de taak, omdat de hemisfeer die de taak had geleerd de informatie niet kon overdragen aan de andere hemisfeer. Myers en Sperry toonden hiermee aan dat een functie van hetcorpuscallosum het transporteren van geleerde informatie is van de ene hemisfeer naar de andere, en concludeerden bovendien dat de twee hemisferen onafhankelijk van elkaar kunnen functioneren.
Er is ook een experiment bij mensen met eensplit-brainuitgevoerd. Een patint met een gespleten brein focust op een punt terwijl een onderzoeker woorden of plaatjes langs laat flitsen aan beide kanten van het punt. Personen kunnen in dit geval met de linkerhand wijzen naar wat de rechterhemisfeer heeft gezien en met de rechterhand wijzen naar wat de linkerhemisfeer heeft gezien. Deze patinten kunnen ook praten over wat de linkerhemisfeer heeft gezien, maar niet over wat de rechterhemisfeer heeft gezien, omdat de linkerhemisfeer verantwoordelijk is voor spraak. Opmerkelijk is dat de patint wel met zijn linkerhand kan tekenen wat hij in zijn rechterhemisfeer binnengekregen heeft. Dit duidt erop dat de persoon dus wel weet wat hij gezien heeft, alleen dit niet verbaal kan communiceren, doordat de verbinding tussen de hersenhelften ontbreekt via hetcorpuscallosum. Het experiment bijsplit-brainpatinten.Bron: https://noughtyscience.files.wordpress.com/2015/04/split.jpg

Gevolgen van een split-brain
Een klein deel van de informatie diesplit-brainpatinten binnenkrijgen, verplaatst zich wel via n van de kleinecommissuresin de hersenen en daardoor krijgen deze patinten soms wel genoeg informatie door om objecten in delen te beschrijven. Patinten met eensplit-brainkunnen ook aancross-cueingdoen. Dit is het communiceren van de hemisferen via een externe route. Een voorbeeld hiervan is een strategie die een patint gebruikte om een ja-nee vraag te beantwoorden over iets wat hij zag in het linker visuele veld. Een onderzoeker flitste een gekleurde kaart in het linker visuele veld. Hierna vroeg hij de patint of de kaart kleur X was. De linker hemisfeer gokt hierbij ja of nee. Wanneer deze gok fout is, laat de rechterhemisfeer (beide hemisferen sturen spieren in het gezicht aan in beide kanten van het gezicht), die het goede antwoord weet, het gezicht fronsen. De linkerhelft voelt deze frons, waardoor de deelnemer het antwoord kan verbeteren. Dit laat zien dat neurologische patinten verschillende cognitieve strategien kunnen gebruiken om dezelfde taak te kunnen volbrengen.
Ook heb je het concept wat deinterpreter(tolk) heet, de neiging van de linkerhersenhelft om verklaringen voor acties te bedenken en te verdedigen, zelfs als de ware oorzaken niet bewust zijn. Bijvoorbeeld als de rechterhersenhelft iets ziet dat leuk is of niet leuk, dan voelt de linkerhersenhelft het humeur veranderen en zegt dan bijvoorbeeld "nu maak je me verdrietig".
Een andere reactie die kan voorkomen is hethelping-handfenomeen. In een test werden twee visuele stimuli tegelijkertijd gepresenteerd: een potlood in het linkergezichtsveld en een sinaasappel in het rechtergezichtsveld. De patint met eensplit-brain werd gevraagd om het gepresenteerde object uit een assortiment van objecten te pakken van een tafel in volle zicht. Toen de rechterkant van de patint zijn hand uitstak om de sinaasappel te pakken onder de leiding van de linkerhemisfeer, zag de rechterhemisfeer wat er gebeurde en dacht dat er een fout werd gemaakt. De rechterhemisfeer zag namelijk het potlood en loste de fout op, op de enige manier die mogelijk was: de linkerhand schoot uit, pakte de rechterhand weg van de sinaasappel en richtte hem op het potlood. Daarnaast is er ook het fenomeen van visuele voltooiing. Hierbij wordt de informatie die een hemisfeer niet binnenkrijgt door een gebrek aan communicatie met de andere hemisfeer, ingevuld door de context te gebruiken. Vergelijk dit met het hebben van een blind gebied in je visuele veld, waarbij deze wordt ingevuld door informatie te gebruiken van de omringende gebieden van het visuele veld. Het is onduidelijk waarom linkshandigheid minder vaak voorkomt dan rechtshandigheid. Vanuit de evolutie zou worden verwacht dat wanneer de n niet effectiever is dan de ander, de verdeling van links- en rechtshandigheid gelijk zou zijn. Ook zou worden verwacht dat wanneer de n wel effectiever dan de ander zou zijn, de minder effectieve handigheid uitgestorven zou zijn. Het artikel is gericht op de huidige staat van kennis over de ontwikkeling van motorische lateralisatie met betrekking tot links- en rechtshandigheid.

Achtergrond
Linkshandigheid komt vaker voor bij mannen dan bij vrouwen. 5% tot 25.9% van de mensen binnen alle culturen is linkshandig, maar het voorkomen van linkshandigheid verschilt per cultuur en per regio. Uit onderzoek blijkt dat linkshandigheid al meer dan een miljoen jaar voorkomt, wat geconcludeerd kan worden uit oude wapens en gereedschap, en grottekeningen en handafdrukken. Tot in de 20e eeuw werd linkshandigheid in Europa gezien als ongewenst en een teken van minderwaardigheid. Tot 1960 werden linkshandigen gedwongen om zich te conformeren aan rechtshandigheid.

Genetische aspecten
Er wordt gedacht dat linkshandigheid deels erfelijk is. Er lijkt vooral sprake te zijn van overdraging door de moeder. Tweelingstudies tonen aan dat eeneiige tweelingen meer overeenkomsten in handigheid hebben dan twee-eiige tweelingen. Daarnaast correspondeert de handigheid van geadopteerde kinderen meer met hun biologische ouders dan met hun adoptieouders. Intensiteit van handvoorkeur kan variren, sommige activiteiten kunnen worden uitgevoerd door de niet-dominante hand. De neiging tot ambidextrie (tweehandigheid) komt vaker voor bij linkshandigen. Pure ambidextrie is moeilijk vast te stellen, maar komt naar schatting zeer zelden voor (0 tot 2%). Er bestaat een extreme vorm van rechtshandigheid, waarbij alle activiteiten met de rechterhand worden uitgevoerd.


De oorsprong
De handvoorkeur ontwikkelt zich waarschijnlijk al in de baarmoeder. Foetussen zuigen bijvoorbeeld meer aan de rechterduim dan aan de linkerduim. In de meeste gevallen lijkt linkshandigheid het resultaat van natuurlijke variatie te zijn. In sommige gevallen lijkt het te worden veroorzaakt door vroege ontwikkelingsstoornissen of een genetisch defect. Zo komt linkshandigheid meer voor bij mensen met schizofrenie, epilepsie en autisme. Het kan zo zijn dat wanneer tijdens de ontwikkeling van de linkerhemisfeer (wat langer duurt dan de rechterhemisfeer) bijvoorbeeld ziekte optreedt, de functies die de linkerhemisfeer zou hebben gehad, worden verplaatst naar de rechterhemisfeer. Ook kan hoger testosteron leiden tot linkshandigheid. Daarnaast komt linkshandigheid significant meer voor bij mensen die zijn geboren in de lente of vroege zomer. Dit kan te maken hebben met een gebrek aan vitamine D of infecties van de moeder tijdens de wintermaanden. Ook wordt linkshandigheid geassocieerd met perinatale stress. Bovendien wordt linkshandigheid geassocieerd met uitgesproken bilateraliteit; slechts 60% van de linkshandigen heeft het motorisch spraakgebied exclusief in de rechterhemisfeer. Dit staat tegenover 97% van de rechtshandigen die dit gebied exclusief in de linkerhemisfeer hebben. Ook het corpus callosum van linkshandigen is vaak groter, wat een teken kan zijn van hogere interhemisferische connectiviteit dat wordt gelinkt met een hogere IQ-score en exceptionele rekenkundigheid.

Het corpus callosum is bij veel linkshandigen groter. Dit duidt op meer connectie tussen de hemisferen. Linkshandigheid komt meer voor bij muzikanten en atleten, waarschijnlijk omdat zij beter zijn in het gebruiken van beide handen tegelijk dan rechtshandigen. Dit kan ook verklaren waarom linkshandigen vaker een hoger IQ hebben.

Effecten na de geboorte
Het begin van de seksuele ontwikkeling is later onder de linkshandigen en secundaire geslachtskenmerken verschijnen later bij linkshandigen. Ook zijn linkshandigen gemiddeld korter en komt dyslexie meer voor bij linkshandigen. Handvoorkeur in evolutie
97% van de rechtshandigen heeft het motorische spraakgebied vooral in de linker hemisfeer liggen. 60% van de linkshandigen heeft dit gebied exclusief in de linkerhemisfeer liggen. Bij 30% ligt het in beide hemisferen en bij 10% in de rechterhemisfeer.

De right-sided world hypothesis houdt in dat linkshandigen vaker ongelukken hebben en grotere risicos lopen doordat de wereld voornamelijk is ingericht voor de rechtshandige meerderheid: vele apparaten zijn voor rechtshandigen. Op basis van survival of the unexpected hebben linkshandigen een voordeel omdat rechtshandigen niet verwachten dat zij dingen op een andere manier doen. Linkshandigen kunnen bijvoorbeeld een voordeel hebben tijdens het sporten, waarbij de tegenstander een aanval van de rechterhand of -voet verwacht en verrast wordt door de linkerhand of -voet. kun je het op universitair niveau maken. De oefenexamen moet geschreven zijn in de Nederlandse taal. Onderin staan de antwoorden. Het aantal vragen dat het oefenexamen moet bevatten is 15.

Antwoord gegenereerd door AI Antwoord rapporteren

Stel een studievraag en wij proberen hem zo goed mogelijk te beantwoorden.

Stel een vraag
 
Inloggen via e-mail
Nieuw wachtwoord aanvragen
Registreren via e-mail
Winkelwagen
  • loader

Actie: ontvang 10% korting bij aankoop van 3 of meer items! Actie: ontvang 10% korting bij aankoop van 3 of meer items!

Actie: ontvang 10% korting bij aankoop van 3 of meer items!

loader

Ontvang gratis €2,50 bij je eerste upload

Help andere studenten door je eigen samenvattingen te uploaden op Knoowy. Upload ten minste één document en krijg gratis € 2,50 tegoed.

Upload je eerst document